Buurweg, mandeligheid of erfdienstbaarheid bij een nooduitgang

Print Friendly, PDF & Email

Buren gebruiken vaak een pad of weg dat achter woningen ligt om bij de openbare weg te komen. Dat gebruik leidt meestal niet tot problemen omdat iedereen bijdraagt aan het onderhoud en de instandhouding van het pad. Maar hoe is dit juridisch vastgelegd of zou het moeten worden vastgelegd? Want wanneer er discussie ontstaat dan blijkt al snel dat een eenduidige juridische regeling ontbreekt. Soms blijkt dan dat door het lange gebruik een buurweg is ontstaan.

Wat is een buurweg?

In 1992 werd het huidige Burgerlijk Wetboek ingevoerd. Voorheen stond het begrip buurweg in de wet, maar met dit nieuwe BW is deze vermelding geschrapt. In de praktijk bestaat de buurweg wel nog altijd. Die buurweg moet dan wel voor 1992 zijn ontstaan. Kort samengevat is een buurweg een weg of pad waar meerdere personen gebruik van maken maar waarvan niet duidelijk is vastgelegd wie nu de eigenaar of anderszins de gerechtigde van deze grond is. Dat betekent dat niemand onbelast eigenaar is en de grond zou mogen afsluiten. In de praktijk ligt een buurweg vaak op de grens tussen twee percelen. Het betreft dan bijvoorbeeld een brandgang waarvoor aan de achterzijde een meter van het ene perceel en een meter van het andere perceel wordt benut.

Kadaster

Hoe kan het bestaan van een buurweg dan worden achterhaald? Een logische gedachte zou zijn om dit op te zoeken in het kadaster. Dat zal echter tegenvallen. Een buurweg is in principe niet in het kadaster terug te vinden. Wel kan het zo zijn dat betrokken eigenaren afspraken omtrent een buurweg willen vastleggen. Dan kan dat in een overeenkomst die vervolgens door een notaris in de openbare registers wordt ingeschreven. Afhankelijk van de wijze waarop partijen iets vastleggen, kan het zijn dat het kadaster dit oppikt en verwerkt.

Erfdienstbaarheid

Een logische manier om een buurweg te verankeren is het vastleggen van een erfdienstbaarheid. Een erfdienstbaarheid is een afspraak over welk gebruik tussen percelen, over en weer is toegestaan. Deze afspraak blijft gelden tussen de bestaande percelen en wordt dus door het kadaster weergegeven. Dit recht en/of deze beperking wordt weergegeven bij de informatie van deze percelen. De buurweg is dan geen buurweg meer maar als erfdienstbaarheid verankerd. Het recht van erfdienstbaarheid geldt tussen twee percelen en blijft gewoon in stand wanneer een perceel wordt overgedragen aan een ander.

Mandeligheid

Optie twee is dat een strook grond waarop een dergelijk pad loopt in eigendom wordt gesplitst naar de personen die hier gebruik van maken. De grond wordt dan mandelig, hetgeen betekent dat alle betrokkenen voor een gelijk deel eigenaar worden en dat daarmee het blijvende gebruik is verzekerd. Dit aandeel in het eigendom kan door een verkopende partij weer worden overgedragen op een koper, waardoor ook de nieuwe eigenaar gebruik kan blijven maken van het pad. Ook in dit geval zal geen sprake mee zijn van een buurweg

Buurweg

Een buurweg kon voor 1992 ontstaan. Er ontstaat anno nu echter nog vaak discussie over paden, wegen en dreven waarbij de conclusie wordt getrokken dat al decennialang sprake is van hetzelfde gebruik. Er wordt dan ook nog regelmatig geconcludeerd dat er sprake is van een buurweg. Het Gerechtshof Arnhem‑Leeuwarden heeft op 13 februari 2018 (ECLI:NL:GHARL:2018:1371) en 31 juli 2018 (ECLI:NL:GHARL:2018:7009) in twee verschillende zaken nog een buurweg aangenomen. Een beroep op een buurweg kan dus nog zeker zinvol zijn.

Advies

Buurwegen kunnen juridisch worden vastgelegd indien het feitelijke gebruik al decennialang zo bestaat. Om nu een situatie van gemeenschappelijk gebruik vast te leggen kan een erfdienstbaarheid of mandeligheid worden vastgelegd. Voordeel van een erfdienstbaarheid is dat deze perfect op maat gesneden kan zijn, zo lang hij maar geldt tussen een heersend en een dienend erf.

Thijs Liebregts

Thijs Liebregts plaatste tot op heden 36 artikelen

De initiatiefnemer van deze site. Ervaren advocaat civiel- en bestuursrecht met nadruk op vastgoedgerelateerde kwesties. Daarnaast een bijzondere interesse voor verjaring; het onderwerp waarop hij in 2010 afstudeerde en inmiddels ruime (proces)ervaring opbouwde.